Naar hoofdinhoud
Blog
Nieuws · 2 min leestijd

Welke vergunningen heb je nodig bij kamerverhuur?

Door Ranka Timmers

Kamerverhuur: met alleen een omzettingsvergunning (naar onzelfstandige woonruimten) op zak ben je er nog niet.

En dit wordt vaker over het hoofd gezien dan je denkt. Dat heeft meerdere redenen. Soms omdat men het lastig vindt om een omgevingsplan/bestemmingsplan te lezen, soms omdat de planregels op het eerste gezicht lijken te duiden dat het gebruik is toegestaan.

Ik begin bij kamerverhuur-vraagstukken altijd in het (tijdelijke) omgevingsplan, om te beoordelen of kamerverhuur binnen de planologische regels past. Want dat er een woonbestemming op ligt ("mooi, het is geel, dus dan mag het") betekent niet dat kamerverhuur daarmee ook is toegestaan.

Regelen de planregels niets concreets over kamerverhuur? Dan val je terug op de definitie van "wonen" en "woning". En in het gros van de plannen luidt die: een gebouw bedoeld voor de huisvesting van één huishouden, of woorden van gelijke strekking.

Bij kamerverhuur is doorgaans géén sprake van één huishouden. Gevolg: je hebt dus een omgevingsvergunning nodig om van het omgevingsplan af te wijken.

Het zijn dus twee verschillende regimes, met elk een eigen toets:
– de omzettingsvergunning (Huisvestingswet/huisvestingsverordening) weegt het belang van de aanvrager tegen behoud van de woonruimtevoorraad en de leefbaarheid;
– de omgevingsvergunning weegt de ruimtelijke aanvaardbaarheid, een goede ruimtelijke ordening.

Een omzettingsvergunning is dus geen omgevingsvergunning. En andersom ook niet.

Heb je wél een omzettingsvergunning, maar géén omgevingsvergunning, en ga je de kamers toch verhuren? Houd dan rekening met het risico dat er handhavend wordt opgetreden en je je huurders mogelijk op straat moet zetten. Wat civielrechtelijk nog de nodige uitdagingen kent.

Geel is dus niet genoeg. Lees altijd ook de planregels en beoordeel welke vergunningen je nodig hebt vóór aankoop van een pand.